Waarom?! (Column voor Internationale Samenwerking)
| July 15, 2011 | Posted by Lotte under Uncategorized |
Samiira verloor drie van haar vijf kinderen op weg ernaartoe. Naadiyo raakte er twee kwijt. Ayaan liep achttien dagen lang met haar vijf maanden oude zoontje op haar rug. Ze heeft geen borstvoeding meer over, maar ze haalden het nét. Dadaab: het grootste vluchtelingenkamp ter wereld.
Het kamp in noordoost Kenia heeft zijn opvangcapaciteit van 90.000 vluchtelingen allang overschreden; inmiddels zitten er minstens 400.000 Somalische vluchtelingen, 45 procent van hen ernstig ondervoed. En alsof dat nog niet genoeg is, komen er dagelijks nog zo’n 1.300 uitgeputte mensen bij. Voornamelijk vrouwen en kinderen, op de vlucht voor de dodelijke combinatie van droogte, conflict en stijgende voedselprijzen.
Niet alleen de Somaliërs zijn getroffen; de extreme droogte in de Hoorn van Afrika heeft verregaande gevolgen voor de hele regio. Al twee jaar is er nauwelijks een druppel regen gevallen waardoor oogsten mislukken, vee bij bosjes het loodje legt en voedselprijzen stijgen. Met als gevolg dat ruim elf miljoen mensen verspreid over Somalië, Kenia, Ethiopië, Djibouti, Eritrea, Zuid-Sudan en Uganda slachtoffer zijn van de enorme voedselschaarste en een gruwelijke hongerdood dreigen te sterven. Frappant detail: hulpverleners waarschuwden eind 2010 al voor deze desastreuze humanitaire ramp.
Alles wees er namelijk op dat dit stond te gebeuren. In de Hoorn van Afrika wordt met een waarschuwingssysteem gewerkt dat nauwkeurig aangeeft of er voedseltekorten dreigen en of er preventief ingegrepen moet worden. Gebaseerd op satellieten, regenmeters en voedselprijsanalyses, konden hulpverleners vorig jaar al aangeven dat deze humanitaire ramp voor de deur stond.
Waarom is er dan geen actie ondernomen? Waarom lijkt het alsof er eerst uitgemergelde en stervende kinderen op tv nodig zijn voordat de hulp op gang komt? Net als jaren geleden in Ethiopië en Sudan, wisten we ook nu dat er een ramp te gebeuren stond. Met preventieve maatregelen hadden de gevolgen beperkt kunnen blijven, maar het mocht ook dit keer niet zo zijn. Waarom moeten we eerst geconfronteerd worden met beelden van ultieme ellende voordat we in beweging komen?
Het is een schrijnende conclusie, maar blijkbaar moet een ramp eerst goed op ons netvlies gebrand zijn. Een bijna-ramp maakt nou eenmaal niet zoveel indruk. En zo zien we dus weer honderden ondervoede kinderen voorbij komen die op sterven na dood zijn, en waarvoor de hulp eigenlijk al te laat is.
Toch is het hopelijk niet te laat voor Awala. Als een wonder kwam het jongetje gisteren in Dadaab levend ter wereld nadat zijn moeder wekenlang te voet onderweg was geweest. Niet voor niks noemde ze het jochie dan ook Awala, watlucky person betekent. Want, hij leefde! Of het jochie echt lucky is moeten we nog zien. Laten we in ieder geval voor Awala hopen dat de wereld snel in beweging komt, zodat hem een langer leven dan dat van een paar dagen beschoren is.
Column voor Internationale Samenwerking Magazine, gepubliceerd op 15 juli 2011






Wij betalen via de olie producten al heel veel geld aan Arabische landen. laten wij, vooral de rijke Arabische landen trachten in te schakelen bij de organisatie van de voedselhulp. Velen accepteren westerse hulp niet, ze worden zo geconditioneerd.Ook de vele hulp organisaties moeten tot enkele terug gebracht worden. Veel directeuren kosten veel geld!Dat komt niet bij de hongerende! Of bij noodzakelijke
positieve conditionering van de kindsoldaten. Godsdienst oorlogen ontstaan door kinderen en volwassenen te conditioneren in geloofstegenstellingen. Het lijkt mij raadzaam om uit ieder geloof mensen samen te brengen,die het goede uit ieder geloof in een geschrift samen vatten. B.P.